Jaap Walhout

Verkiezingskoorts: het Hotelling-Downs model

Het model van Harold Hotelling komt oorspronkelijk uit de economie en is door Anthony Downs toegepast op de politiek en beschrijft concurrentie in ruimtelijke zin. Klinkt abstract dus enige uitleg is wel op z’n plaats. Ik zal dit doen aan de hand van een strand met twee ijsverkopers (het klassieke voorbeeld). Hierbij ga ik er vanuit dat ze beide hetzelfde ijs verkopen is en dat ze dezelfde prijzen hanteren.

De eerste illustratie stelt het strand voor met daarop de plaats waar de ijsverkopers staan. In deze situatie is ijsverkoper A er (in grote mate) zeker van dat de mensen die links van hem op het strand zitten naar hem toe zullen komen voor een ijsje. Hetzelfde is van toepassing voor ijsverkoper B, maar dan voor de mensen die rechts van hem zitten. De mensen tussen hen in kunnen kiezen voor zowel verkoper A als voor verkoper B. Bij een gelijke verdeling van de mensen over het strand is dit een redelijk optimale situatie omdat de loopafstand voor iedereen wordt geminimaliseerd.

Het is echter geen stabiele situatie. Beide verkopers streven naar een zo zekere en zo groot mogelijke inkomstenbron. Verkoper A wordt geprikkeld om z’n verkooppunt te verplaatsen naar links van verkoper B. Daardoor pakt hij driekwart van de ijsmarkt op dit strand. Voor verkoper B geldt het omgekeerde. Het gevolg is dat ze beide naar het middenpunt van het strand opschuiven totdat uiteindelijk onderstaand situatie ontstaat:

Zoals gezegd is dit model ook van toepassing op de politiek. In plaats van het strand komen nu politieke thema’s en in plaats van de ijsverkopers komen de politieke partijen. De standpunten van Geert Wilders en zijn PVV over immigratie en de islam en de reactie daarop in de afgelopen jaren door de andere politieke partijen is een mooie illustratie van dit fenomeen. Het bleek dat de standpunten van Geert Wilders een grote groep kiezers aanspraken. Als reactie daarop zijn de andere grote partijen met hun standpunt de afgelopen jaren opgeschoven richting het standpunt van de PVV.

Vaak is er al een vergelijking getrokken met Hans Janmaat en zijn Centrum Democraten. Hoewel de standpunten van de PVV gelijkenissen vertonen met die van Janmaat, weet de PVV wel een grote groep kiezers achter zich te krijgen. Maar meer daarover in een volgend bericht.

Bron:

Thayer Watkins: The Hoteling-Downs Model of Spatial/Political Competition

Verkiezingskoorts

Het aftellen is begonnen, 9 juni is het zover: de verkiezingen voor een nieuw parlement en de toekomst van het land. Er wordt in de media al behoorlijk wat geroepen over de eigen standpunten van de partijen. Af en toe wordt er ook al voorzichtig met modder gegooid. Zelf ben ik één van de vele zwevende kiezers. Ik heb m’n keuze nog niet bepaald omdat ik de verschillende verkiezingsprogramma nog niet heb bestudeerd.

Daarnaast is het een bewuste keuze om een zwevende kiezer te zijn. Ik wil me niet binden aan een partij omdat ik vrij wil zijn in mijn keuze. Het centrale uitgangspunt is dat mijn stem moet bijdragen aan de richting die Nederland uitgaat na de verkiezingen. Dat maakt het hoogst onwaarschijnlijk dat mijn stem naar het CDA zal gaan omdat deze partij teveel vastgebakken zit aan het regeringspluche (naar mijn mening in ieder geval) en daardoor te veel in het midden van het politieke spectrum zit.

Maar voordat je een keuze maakt is het belangrijk om te bepalen welke aspecten meespelen in de keuze: onderwijs, economie, rechtvaardigheid en grondrechten zijn voor mij belangrijk. In de komende serie berichten zal ik jullie meenemen in de zoektocht naar de juiste keuze. Daarvoor zal ik in ieder geval van de grotere partijen het verkiezingsprogramma bekijken en mijn commentaar daar op geven.

Maar voordat ik daaraan begin, wil ik eerst twee modellen beschrijven die van invloed zijn op onze mening en het gedrag van politieke partijen.