Jaap Walhout

Meet de Mediawijsheid Meter wat het meten wil?

Via een nieuwsbericht van het Nationale Mediawijsheid Expertisecentrum werd ik geattendeerd op de Mediawijsheid Meter van de Nationale Opleiding MediaCoach. Vol verwachting opende ik de test. Om vervolgens hevig teleurgesteld te worden. Dat heeft waarschijnlijk ook met m’n verwachting te maken. Ik verwachte een test aan de hand waarvan ik kon bepalen hoe mediawijs ik was. Maar dat meet deze test volgens mij niet.

Om te bepalen of dat klopt is het goed om de definitie van mediawijsheid erbij te nemen: Mediawijsheid staat voor ‘het geheel van kennis, vaardigheden en mentaliteit waarmee burgers zich bewust, kritisch en actief kunnen bewegen in een complexe, veranderlijke en fundamenteel gemedialiseerde wereld’. Omdat ik al langer bekend ben met deze definitie, verwachte ik dat ik getoetst zou worden op mijn kennis, vaardigheden en houding ten opzichte van media.

Terug naar de test. Deze bestaat louter uit vragen naar feiten. Geen vraag naar mijn vaardigheden of houding. Zelfs van de vragen die wel worden gesteld kun je je afvragen of deze jouw mediawijsheid meten. Is het belangrijk dat ik weet uit welke elementen het logo van PowNed is opgebouwd? Of dat ik weet welke kranten als eerste een iPad applicatie hebben uitgebracht? Of welk karakter bij een bepaalde studio hoort? Ik heb zo m’n twijfels.

Deze test meet vooral of iemand goed het nieuws bijhoud en de relevante rapporten leest met betrekking tot mediawijsheid. Als dat het doel is van deze test, dan is dat prima. Maar deze test meet niet hoe mediawijs iemand is en die verwachting roept het wel op. Een gemiste kans in mijn ogen.

Misschien zie ik het wel helemaal verkeerd, maar dan hoor/lees ik dat graag in de reacties.

Onderzoek als interventie

Neem het woord onderzoek in je mond en menig docent begint spontaan te zuchten en steunen. Veel docenten zijn onderzoeksmoe en dat is ook best te begrijpen. Ze merken niks van de resultaten. Er is een kloof tussen de wetenschap en de praktijk. De verwijten vliegen hierbij over en weer. Volgens de wetenschapper doen scholen veel te weinig met de uitkomsten van hun onderzoek en de scholen brengen daar tegen in dat de wetenschap met te weinig praktische handreikingen komt. Al jaren wordt geprobeerd om deze kloof te overbruggen met voor mijn gevoel marginaal resultaat.

Ka het ook anders? JA! Door op een andere manier naar onderzoek te kijken. In de klassieke blik op onderzoek is onderzoek vooral bedoeld om iets te weten te komen. Men kan echter ook naar onderzoek kijken als interventie om een verandering of beweging op gang te brengen. Met die gedachte hebben we gisteren een onderzoekscollquium gehouden bij het Ruud de Moor Centrum. Het thema van deze middag was “Onderzoek als interventie”.

Suzanne Verdonschot en Mara Spruyt hebben daarin aan de hand van een gevarieerd programma hun ervaringen op het gebied van praktijkonderzoek gedeeld. In hun visie kan praktijkonderzoek bijdragen aan drie soorten ‘beweging’:

  • Van rennen naar stilstaan. Docenten en scholen zijn altijd heel druk met van alles en nog wat. Het grote gevaar hierbij is dat men vergeet te leren van fouten, maar zeker ook van successen. Het kan af en toe heel zinvol zijn om even een pas op de plaats te maken en te reflecteren op wat er is gebeurd. Daardoor kunnen in de toekomst fouten makkelijker worden vermeden en successen verder worden uitgebouwd.
  • Van klein naar groot. Bij deze beweging gaat het vooral om het ontdekken van goede voorbeelden, hiervan te leren en deze toe te passen op andere plaatsten in een (school)organisatie. Het lastige hierbij is dat wat op de plek wel werkt niet persé op een andere plek hoeft te werken. Om beter te begrijpen waarom iets werkt en voor het toepassen op een andere plek kan praktijkonderzoek worden ingezet.
  • Van steeds hetzelfde naar iets anders. Soms is het goed om van de gebaande paden af te wijken en te kijken of er andere manieren van werken zijn die effectiever zijn. Dit kan zijn omdat men al goed is in wat men doet, maar wel steeds hetzelfde doet. Maar ook als de prestaties niet goed zijn, kan het verkennen van andere aanpakken wenselijk zijn.

Al met al was het een hele inspirerende middag die mij in ieder geval een aantal ideeën heeft opgeleverd voor onderzoek in de praktijk waar docenten direct iets aan hebben.

Bronnen: